Neem je anus. Die kun je niet zien, wat best jammer is gezien de voordelen die een goede bezichtiging aldaar zou bieden. Maar oké, laat ik voor de gezelligheid wegblijven van die achterbuurt. Zoek het daarom hogerop, neem je rug. Die is eveneens zo goed als onzichtbaar, wat (ook) jammer is omdat je graag de aldaar vaak aanwezige onregelmatigheden zou willen inspecteren. Overigens wil de lezer niet weten welke proefondervindelijke capriolen ik tijdens het opstellen van dit tekstje uithaalde – dit voor het plaatje.
Belangrijker nog bij het bezichtigen van het eigen fysiek, is dat deel waar je 'ik' zich bevindt, je hoofd. Wederom geldt: je ziet er zonder spiegel vrijwel niks van. Ten bate van de wetenschap heb ik ook hier de proef op de som genomen. Bij een bekkentrekkende studie van mijn eigen kanis kwam ik niet verder dan stukjes neusvleugel, ietsiepietsie van mijn getuite mond, een fractie van de wangen, een tongpuntje en wat overhangende wenkbrauwhaartjes. Voorhoofd, kin, keel, kaken, oren, slapen, achterhoofd, nek, kruin: allemaal hoofddelen die onbereikbaar waren voor mijn ogen.
Wat we, buiten al die blinde vlekken, goed zelf kunnen bekijken, zijn onze borst, buik, ledematen en uitwendige geslachtsdelen. Best een deprimerend uitzicht, ervoer ik ter plekke – ook dit voor het plaatje.
Gelukkig zijn mensen extreem vindingrijk. Wij vonden de spiegel uit en later de camera, scanner, enzovoort. Dankzij deze hulpmiddelen hebben we nu, binnen het dierenrijk, de beste kijk op onszelf. Dit zou voor een objectief zelfbeeld moeten zorgen. Helaas vind je dat in de praktijk amper terug.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten