De meneer op het bankje (met nog steeds die banaan in zijn hand) vindt het echter helemáál niet leuk. Ten eerste voelt het ongemakkelijk om als man solo bij een recreatieplek voor kinderen te zitten. Wat zullen ze wel niet van hem denken? Maar belangrijker is dat dit speelbos zijn leefwereldje heeft verstierd.
Het terrein werd een jaar of tien geleden aangepast juist in het meest ongerepte deel van het Zuigerplasbos – mogelijk zelfs de kraamkamer –, daar waar hij zo graag kwam. Maar sinds deze oase van rust is omgesmeed tot avonturenwalhalla voor de jeugd, is de natuur achteruit gekacheld. In het verleden zag hij juist hier tegen zonsondergang vaak reeën grazen, konijnen dartelen en vossen sluipen. Maar met pijn in 't hart ontdekte hij al snel hoe de viervoeters verdwenen naarmate de kinderdrukte toenam.
De meneer op het bankje hekelt met terugwerkende kracht de gemeenteplanologen en andere dwaallichten die destijds met het onzalige idee kwamen een stukje natuur op te offeren ten bate van ravottende, maar vooral blèrende koters: Ja, jullie kutkinderen hebben vast al alles wat je hartje begeert, en nu dus ook het eens mooiste deel van het groen. Rot/lazer/zout/tief op met jullie fokking belevenissenbos, verwende etterbakjes!




