zondag 21 januari 2024

Delete

Vaak, na een wandeling door de Veluwse bossen, doen mijn verkering en ik de gezellige hotelbar van Van der Valk te Harderwijk aan. Warme inrichting, jong en oud volk, groepsgewijs of solo en honden welkom. Huiselijk haast. 
     Niet zelden zien we er ook hotelgasten achter hun laptopjes aan het werk; in sommige opzichten ben ik jaloers op ze. Meestal betreft het jonge, goed geklede professionals. Ze zijn flink opgeleid en verdienen er ook naar. Volgens hedendaags taalgebruik staan ze midden in het leven, wat beter klinkt dan de praktijk: het al dan niet met hun lease onderweg zijn van niets naar nergens. Of dat bevredigend is weet ik niet, het oogt in elk geval dynamisch. Daarbij mag ik ook graag naar hun laptops kijken. Vaak zijn dat MacBooks, mooi te zien aan het prestigieuze appeltje op de klep. Meer modale merken als Dell, Lenovo, Asus, HP of Acer kom je ook in het wild tegen, maar dan betreft het meestal een upmarket model. 
     Wat deze professionals op hun ranke laptops uitvoeren is plezant speculeren. Niet zelden betreft het je reinste stierenpoep, iets waar niemand in de samenleving om vraagt. Presentaties, rapportages of datasheets die de waarheid pretenderen maar het niet zijn, en dus weer in virtuele prullenmanden verdwijnen. Maar wat maakt toch dat ik, zoals ik eerder aangaf, in sommige opzichten jaloers ben op deze dynamische werknomaden?
     Misschien domweg vanwege hun state-of-the-art laptopjes terwijl de mijne heel basic is, meer heb ik immers niet nodig. Of misschien omdat ze nog het idee hebben – of de hoop koesteren – dat hun teksten, data en presentaties het verschil gaan maken. Dat wat ze uit hun toetsenbordjes toveren nut heeft. Maar vooral dat ze nog niet zijn verworden tot een stramme kafferbuffel die in de schaduw van een baobab staart naar de snelle impala's die over de savanne dartelen, wat ze overigens kwetsbaar maakt voor een delete door nog snellere cheeta's. 

zondag 14 januari 2024

Jip en Janneke

Op een januaridag zag ik in het al even januari-achtige winkelcentrum een senior oplichten in de massa. Misschien kwam het wel door zijn gesofisticeerde tweed overjas met fluwelen kraag waarboven een wijnrode vlinderdas en een volle tsarenbaard. Ik trok mijn stoute sneakers aan, besloot hem aan te spreken.
     ‘Dag meneer, mag ik, zomaar uit het niets, een opmerking plaatsen?’
     ‘Dag mijnheer, maar natuurlijk mag dat. Gaat u gang, wees zo vrij.’
     Ik: ‘U lijkt me een poëtisch mens, zoals u erbij loopt. Literair, gedachtevol, wetende ogen. En dan hiero, in deze, tsja, best wel kleurloze stadsscène .’ 
     De man draaide op een hak om zijn as. We stonden voor de etalageruit van een bekende winkelketen.
     Hij: ‘Wat bijzonder dat u dat opmerkt. Maarrr, u heeft gelijk. Ik zie in alles iets dichterlijks. Goed voorbeeld is deze winkel, een drogisterij.' Hij wees met een duim naar de etalage. 'Vroeger, toen ik nog een juveniel was, zag je boven de deur een gaper hangen. Nu wordt de aandacht getrokken door het woord Kruidvat, wat een bruisend beeld oproept. Dat is toch pure poëzie? En bij de concurrentie hetzelfde liedje. Etos, dat slechts één letter scheelt met de Griekse liefdesgod Eros, zoon van Aphrodite en Ares. Trekpleister, dat zo prozaïsch klinkt dat het haast weer poëtisch wordt. En dan heb je nog Holland & Barrett, het vroegere De Tuinen, stuk voor stuk woorden zwanger van klankkleur. Vanzelfsprekend vormt dit soort drogisterijnamen aperte kolder, toch draagt het schoonheid in zich. Aan mij als minstreel de taak deze pracht om te zetten in taal die een mens treft, hopelijk zelfs verheft.’
     Ik: ‘Maar is dat op den duur niet vermoeiend? Ik bedoel, jemig, steeds maar rondkijken om de schoonheid te vangen, en het vervolgens als taak zien dat om te zetten in taal?’
     Hij: ‘Mijnheer, daarin heeft u gans gelijk. Bingo, zeggen Jip en Janneke dan. Het is zeker vermoeiend. Ik voel me dan ook altijd enigszins mistig. Een druk hoofd vreet immers energie, ik heb daar meestentijds wel last van, ja.’
     ‘Nou, dan bent u bij deze drogist aan het goede adres, Ze verkopen hier vast iets wat extra energie levert, iets wat de mist doet oplossen,’ zei ik met een doodgeboren lachje.
     ‘Aha, u is een olijke schobbejak. Maar neenee mijnheer, een kunstenaar dient te lijden. Een platitude weliswaar, toch laat ik dit soort neringen liever links liggen, geloof me,’ zei hij met pretlijntjes rond de ogen.
     De poëet en ik namen daarop beleefd afscheid. Hij schuierde op een dichterlijke manier verder door januari. Ik stapte Kruidvat binnen, terug in de werkelijkheid.

zondag 7 januari 2024

Mao Zedong

Chinezen zijn rare snuiters. Zo vonden ze ooit vogelnestsoep uit waarmee tegelijk de vraag opdoemt hoe je het in je hoofd haalt soep van een vogelnestje te trekken. Geen idee, maar misschien berustte het gewoon op toeval, zoals in de basis alles in het heelal. 
     In dit verband fantaseer ik graag over een oud en tandeloos vrouwtje dat onder een boom bezig was soep te trekken uit een paar armetierige bamboescheuten. Toevallig viel uit die boom een vogelnest pardoes in haar pan. Het oude wijffie dacht: bwèh wat goor, maar wat kan mij het eigenlijk ook verdommen. Ze diende de gorigheid even later vileintjes op aan haar man: een lapzwans die, als hij weer eens zijn zelfgestookte baijiu had opgelebberd, agressief werd en zijn rotanstok over haar knokige knokkeltjes joeg. De etterbak vond de soep echter verrukkelijk en een nieuw gerecht was geboren waarna het zich over heel het onmetelijke rijk verspreidde. (Niet in het minst omdat Chinezen traditioneel al weinig te kanen hadden onder hun volgevreten, praalzieke keizers en autocraten als ene Mao Zedong die alleen al ergens tussen de veertig- en zeventigmiljoen hongerdoden op zijn geweten had.) De aldus bij toeval gevonden delicatesse ging ten slotte zelfs de hele wereld over.
     Of het een aanrader is weet ik niet, zelf probeerde ik het nooit. Een vogelnest nodigt ook niet echt uit tot consumptie. Zeker niet wanneer je je realiseert dat het niet om takjes en twijgjes gaat, maar om het speeksel, braaksel en andere uitwerpselen van (vooral) zwaluwen die ermee hun nest dichtmetselen. Laten we het erop houden dat soeptrekken van zo'n bouwsel een krachtig brouwsel oplevert. Zo krachtig dat de Chinezen wellicht binnen afzienbare tijd de hele wereld naar hun hand zetten. Wat ze dan niet danken aan machtige en 'wijze' leiders, maar aan een oud en tandeloos vrouwtje dat gebukt ging onder haar man.

zondag 31 december 2023

Decreten

Als nieuwe premier van dit land zou ik het verkeersinfarct binnen vijf tellen oplossen door per direct alleen personenauto’s van het merk Skoda op de weg toe te laten. Rationaliteit tegen een redelijke prijs. Dat ikzelf heel toevallig een Skodaatje bezit is niet relevant, het gaat immers om het totaalplaatje - het landsbelang. Wat zegt u? Gaat iedereen dan in een Skoda rijden? Neehee, die joker gaat mank. Slechts volk dat al vóór de maatregel een Skoda bezat mag ermee de straat op. Alle andere automobilisten zullen moeten switchen naar het OV of de fiets. Over fietsen gesproken: het gebruik van e-bikes wordt verboden. Nederlanders zullen door dit decreet gezonder oud worden en uiteindelijk minder obees de oven ingaan wat de uitstoot van schadelijke gassen terugdringt. Een coulanceregeling voor wat betreft de accufiets zal slechts gelden voor hen die recentelijk een geslachtsverandering ondergingen, dit vanwege het schurend ongemak rond hun zopas gemodificeerde geslachtsdelen op het zadel van een tweewieler zónder trapondersteuning. Verder zal ik erop toezien dat tolerantie wordt betracht jegens grootaandeelhouders, hetero's, koikarperbezitters, bullshit-consultants, grensrechters, Vietnamese loempiaverkopers en zij die bestand zijn tegen een burn-out. Daarentegen zal acteur Frank Lammers van het beeldscherm worden geweerd wegens de commercials van Jumbo. Overigens worden op mijn uitdrukkelijk bevel ook Lammers' mede-Brabo's verplicht gesteld hun worstenbroodjes in hun rectum te proppen. Tevens zal militaire dienstplicht worden ingevoerd voor eenieder die het waagt illegaal vuurwerk te verhandelen of af te vuren. Als oorverdovend geknal jou genotsgolven bezorgt, doe er dan iets nuttigs mee, denk ik zo. Derhalve zal deze verplichte stage plaatsvinden in de loopgraven van oostelijk Oekraïne. Jottem! Ten slotte mogen bij de volgende verkiezingen alleen burgers met een aantoonbaar hoger IQ dan 115 een stem uitbrengen. Logischerwijs word ik dan herkozen.

zondag 24 december 2023

Huid op huid

Met name ‘s winters hoor je mensen vaak klagen over koude voeten in bed. Daarom slapen ze met dikke sokken aan. Als geboren zondagskind heb ik weinig last van dit euvel. Ik stap barrevoets in het koude bed opdat het tweetal, juist door hun naaktheid, warmte naar elkaar kan uitstralen. Huid op huid voetjevrijend hebben ze het zeer behaaglijk. En bekend is dat het welbevinden van je kakkies bepalend is voor de temperatuur van het ganse lijf, zeker in bed. Heel misschien staat lichaamswarmte wel aan de basis van onze affectie voor een medemens of -dier, maar laat ik niet afdwalen. Daarom snel terug naar mijn eigen voeten die in de wintermaanden onder het dekbed juist door hun blootheid bij elkaar warmte vinden, het gezellig hebben. Prima dus. Helaas zorgde iets onbeduidends voor verstoring van de idylle.
     Niet zo lang geleden liep ik in een tropische omgeving een minuscuul wondje op aan mijn linkervoet. Dat wondje wilde niet genezen, ook niet na terugkeer in de polder. Integendeel, het raakte verder ontstoken en breidde zich uit. Mijn huisarts schreef daarop antibiotische zalf voor die ik driemaal daags diende aan te brengen. Om te voorkomen met mijn gezalfde linkervoet het beddengoed te besmeuren, droeg ik ‘s nachts ‘op links’ een sok. Maar al snel merkte ik dat mijn blote rechtervoet de uitstralingswarmte van zijn nu aangeklede broertje mistte, wat ik ronduit sneu vond. Om de disbalans op te heffen én om mijn rechtervoet niet in zijn nakende niksie te laten verkommeren, voorzag ik even later ook hem van een sok. Vanwege al dit aangebrachte textiel verdween de intieme band tussen de tweeling wat zorgde voor kilte aan mijn voeteneind. Alras vertaalde dit zich, zoals ik hierboven al schreef, naar het ganse lijf. Bibberdebibber. Als tegenmaatregel zette ik daarop een klassieker in, de warmwaterkruik. Uiteindelijk bracht die verlossing: mijn bedgeheimpje in een notendop.

zondag 17 december 2023

Wezenloos

Vermoedelijk bestaan de onbeweeglijke, zwijgzame types die je hier en daar nog op akkertjes aantreft al vanaf de tijd dat wij ons bestaan als jager-verzamelaar inruilden voor het boerenleven. Het vee dat we sindsdien hielden en de gewassen die we teelden dienden logischerwijs beschermd te worden tegen alles wat profiteerde van onze noeste landarbeid. Onder die profiteurs vooral veel vogels die door de eeuwen heen dol zijn op kweekfruit, gewaszaden en rijst- of graankorrels. Hiertegen bedachten onze voorouders de rechtopstaande namaakmens: de vogelverschrikker. Die zelfgebouwde staketsels op het open veld zijn dan ook vermoedelijk net zo oud als de landbouw zelf: ergens tussen de drie en vijf miljoen jaar. En nog steeds kom je ze tegen. Natuurlijk niet meer bij intensieve landbouwbedrijven, maar wel bij kleine tuinderijen of op de volkstuintjes achter mijn woonwijk. Geinig, want zoals die stropoppen daar bij tij en ontij met hun gestrekte armpjes wat staan te flierefluiten, geven ze je een romantisch Swiebertje-gevoel vanwege dat nonchalante textiel en die rare hoed van de kringloopwinkel. Dat vogelverschrikkers geregeld opduiken in fantasieverhalen is dan ook heel begrijpelijk.
     Echter, naar ik me heb laten vertellen werkt deze afschriktactiek nog nauwelijks. Geen kraai of spreeuw schijnt er nog in te trappen. Logisch, die beestjes – slim geëvalueerde dinosaurussen – zijn heus niet achterlijk. Als ik me in een vogel probeer te verplaatsen, zou ik vanaf grote afstand zien dat een vogelverschrikker nep is. Immers, een stilstaand mens in een open ruimte die niét op zijn mobieltje tuurt is anno nu onwaarachtig en zal dus geen gevaar opleveren. Wie een beetje boerenverstand bezit, vervaardigt dan ook een ietwat voorovergebogen vogelverschrikker die wezenloos op een lichtgevend schermpje kijkt.   

zondag 10 december 2023

Een nieuw begin

Zesentwintig kilometer lang reed ik in het kielzog van een lijkwagen. Een verhoogde en verlengde, zilvergrijze Lincoln met een stemmig vinyl dak en zwarte vlaggetjes op de spatborden. Dat ik hem zo lang volgde kwam doordat we over de eenzelfige dijk tussen Lelystad en Enkhuizen zoefden.
     De laatste keer dat ik (door toeval) lang achter een lijkwagen reed, was meer dan een halve eeuw geleden. Het was tijdens de rit van mij en mijn aanstaande echtgenote naar het stadhuis. Voor een trouwauto hadden we geen poen, dus transporteerden we ons in mijn eigen Fiatje 600. Op weg naar het Haagse gemeentehuis voegden die dag, van rechts komend, een lijkwagen in plus een aantal volgauto’s die vervolgens een stief kwartiertje voor ons bleven cruisen over de ellenlange Laan van Meerdervoort*. Tijd zat om te denken: waar de ene aan iets begint, eindigt het voor de andere.
     Terug naar het nu.
     Bij Enkhuizen aangekomen reed de rouwauto verder Noord-Holland in terwijl ik afboog naar het schilderachtige centrum van het oude VOC-stadje. Mijn bestemming was het etablissement dat ik vaak aandoe voor een cappuccino en een taartje. Kort daarop zat ik daar dan ook aan de gezellige leestafel, gebogen over het regionale krantje waarin ik me graag verdiep. Even later nam tegenover mij een wat oudere heer plaats, ook hij bestelde een cappuccino. De man was zeer gesoigneerd, slank en sierlijk, tegen het feminiene aan. In tegenstelling tot mij las hij geen krant of tijdschrift, maar bleef hij recht voor zich uit kijken. Naar mij, zoiets voel je. Toen ik opkeek ontwaarde ik een lonkende glimlach. Verrek, ik had sjans. 
     Ik voelde me gevleid, maar de kennelijke bekoring was niet wederzijds. Zo jammer, want voor de tweede keer in mijn leven had ik een nieuw begin kunnen maken na een toevallige, lange rit achter een lijkwagen.

* De Laan van Meerdervoort wordt met zijn zes kilometer lengte ook wel de langste laan van Nederland genoemd. Hij vormt de scheidslijn tussen zand- en kleigrond, wat in Den Haag zo'n beetje staat voor sjiek of sjofel.