zondag 26 oktober 2025

Quatsch

De media staan bol van de gruwelen die jongeren kunnen overkomen. Digitaal sadisme, huiselijk geweld, aanranding, misbruik, meisjesbesnijdenis, moord. Het raakt ons in de ziel, we zijn geschokt. Logisch. Maar wat ik niet begrijp, zijn reacties van buitenstaanders die hun emotie persoonlijk maken. Ik hoor weldenkende mensen dan reageren met iets als ‘Ik heb zelf een dochter van die leeftijd, dus …’ Hiermee laten ze weten hoe sterk ze meevoelen met slachtoffers aangezien ze vanuit hun eigen setting éxtra begrip hebben voor het leed. Je reinste quatsch natuurlijk. Alsof mensen zonder kinderen zich niet kunnen voorstellen hoe groot de gruwel is. Dit soort reacties toont eens te meer hoezeer we uitgaan van ons eigen verhaal. Dat vind je ook terug in onze politieke keuzes.
     Kort geleden gingen we naar de stembus. Ik ben er niet echt ingedoken, maar vermoed dat weinig burgers met een laag inkomen op de VVD stemden, wat ze mogelijk beter wel hadden kunnen doen gelet op onze nationale veiligheid. Daartegenover waren er vast weinig bezitters van een vette aandelenportefeuille die op de SP stemden, wat jammer is omdat socialisme – idealiter – zorgt voor een sterkere cohesie binnen het collectief. Mensen met een islamitische achtergrond voelen zich vaak in een hokje geplaatst, daarom stemden ze wellicht (áls ze al stemden) op een hokjespartij als DENK, waardoor ze nog meer in een hokje geraken. Streng gereformeerden gingen zeker niet voor een partij die hulp bij een vrijwillig levenseinde wil legaliseren, aangezien medemenselijkheid voor hen minder heilig is dan geschriften uit het jaar kruik. Jeugdigen opteerden vast niet voor 50Plus, ook niet in de wetenschap dat ouderen vaak vrijwilligerswerk verrichten wat oud én jong ten goede komt. Wappies stemden niet op een partij die zich baseert op bewijzen, aangezien ze achter elk bewijs een complot vermoeden. Houders van megastallen wezen milieu- en diervriendelijke partijen ongetwijfeld af, ook als dat ten koste gaat van de bloemetjes en de bijtjes – van ons hele ecosysteem. Mezen en vinken wilden geen gewone huismus in het torentje, zelfs niet als die zó bekwaam is dat álle tuinvogels erop vooruit zouden gaan.
     Het overgrote deel van ons mekkert vanuit de eigen zeepbel. Slechts groten van geest weten zich hiervan te bevrijden, hun visie te verbreden. Men voelt hem al: ook ik behoor tot dit exquise clubje visionairs. Ik ben van het kaliber dat weet wat de beste keuze is in het stemhokje. Daar, in de stilstaande lucht der democratie, handelde ik daarom niet voor mijzelf, maar in het belang van de ganse natie. Kortom, ik stemde voor ú. 
     Graag gedaan.

zondag 19 oktober 2025

Automotive sales consultant

Een autodealer gaf me een jonge occasion mee voor een proefrit. De wagen was precies wat ik wou: weinig kilometers op de teller, onberispelijk interieur, goede kleur, coole lichtmetalen wielen én stoelverwarming. Daarnaast zat er zo’n glossy touchscreen in het dashboard verwerkt waarmee je lekker kon fröbelen, infotainment oproepen, navigeren en op camera achteruit parkeren. Wat wil een oude jongen met eksterogen nog meer?
     De autoverkoper bevestigde routineus een stel tijdelijke kentekenplaten op de auto en overhandigde me de sleutel. ‘Neem rustig de tijd,’ zei hij zoals het iemand in zijn professie betaamt. De man was sowieso het archetype autoverkoper. Ik vraag me dan altijd af of deze branche dit soort types aantrekt of juist voortbrengt – kip of ei. Afijn, tijdens mijn afwezigheid zou hij mijn zeven jaar oude karretje op inruilwaarde taxeren.
     Voor de proefrit koos ik het stuk Flevolandse snelweg waar je 120 km mag vliegen, daarna terug over de stadse dreven en ten slotte reed ik een verlaten industrieterrein op voor een ruige remproef én om even lekker te slalommen. Het laatste om meer gevoel te krijgen bij de auto, één met hem te worden.
     De uitkomst was positief: we zouden inderdaad een goed koppel kunnen vormen. Maar tegelijk met deze conclusie drong het pijnlijke besef door dat mijn ouwe trouwe maatje nu eenzaam bij de dealer stond waar-ie kil en zakelijk werd getaxeerd door, zo las ik achteraf op zijn visitekaartje, de automotive sales consultant.
    Na inlevering van de aantrekkelijke occasion volgde ik meneer de automotive sales consultant naar zijn glazen kantoor. Daar kwamen we financieel gezien niét tot overeenstemming, iets waarmee ik bijzonder goed kon leven.
     Opgelucht keerden mijn autootje en ik huiswaarts. Niet eerder reed-ie zo lekker.

zondag 12 oktober 2025

Reïncarnatie

Al heel wat jaren knip ik mijn haren zelf. Dat komt door kappersvrees. Ik ervaar een kappersstoel als dwangbuis. Je zit ingepakt, kunt bij een paniekaanval niet weg en wordt tijdens je knipbeurt min of meer gedwongen tot sociale blabla.
     Knippen is eigenlijk het verkeerde werkwoord. Scheren is het meer want ik gebruik een tondeuse. Bij een tondeuse denk je al gauw aan ultrakort of overal-even-lang. Da's bij mij anders; ik tracht mezelf een heuse coiffure aan te meten. Kuif, bovenkant, flanken, bakkebaarden, een naadloos aflopende achterkant: alles naar believen op lengte en in de juiste verhouding. The full monty. Dat houdt in dat ik druk ben met allerlei opzetstukjes, met een hulpspiegeltje voor achterhoofd en nek, en bovenal door er heel veel gevoel in te leggen. Kunst- en vliegwerk, zeg je dan.
     Natuurlijk is het resultaat verre van perfect. Altijd zijn er onregelmatigheden. Uitschieters of flinke happen in het snoeiwerk zijn eerder regel dan uitzondering. Maar als man van zekere leeftijd met uitdunnend haar maak ik daar geen groot punt van. Je loopt hooguit twee weken voor schut en daarna ziet niemand er meer iets van. Wat meehelpt is dat ik niet zo van een strakke dakbedekking ben; het mag best een beetje nonchalant ogen.
     Plaats van handeling is de badkamer, de meest besloten maar vooral praktische ruimte. De vloer is verwarmd, de belichting goed en de spiegel groot. De klus doe ik in adamskostuum, want alleen al bij het idee aan stoppeltjes en haartjes in m'n goed krijg ik kriebelitis. Ben ik klaar, dan vlugjes met de stofzuiger over de tegelvloer om direct daarna onder de warme douche te stappen en na te genieten, vooral als ik zie hoe al dat jeukerige haarafval via lijf en leden naar het afvoerputje spoelt. Met nieuwe energie én een frisse coupe neem ik even later weer deel aan het leven – ik voel me kortstondig als herboren. Voor reïncarnatie light hoef je niet eerst dood.


zondag 5 oktober 2025

Als God in Frankrijk

Ik zit weer eens te luilakken op een bankje bij de jachthaven. Niemand om me heen en geen wolkje aan de lucht, letterlijk. Bovendien is het zo windstil dat ik het IJsselmeer niet hoor kabbelen, noch het oevergewas ruisen. De rust. Het hoofd lichtjes opwaarts gericht, baad ik met dichte ogen in de lage oktoberzon die recht op mijn toet staat.
     Ineens maakt aan de binnenzijde van mijn oogleden het warme oranjerood plaats voor dreigend donkerpaars. Ik open de luiken, schrik van het silhouet dat pal in mijn zonnetje staat. De blik scherper gesteld, zie ik een heerschap met een aangelijnde teckel.
     ‘Als God in Frankrijk,’ zegt de man met een lachkrulletje. 
     ‘Inderdaad,’ is het enige wat ik zo gauw weet uit te brengen.
     Zijn teckel besnuffelt intussen ongevraagd mijn broekspijpen. Dat mag, ik heb niks tegen honden. Integendeel, zeker teckels. Ik ga verzitten, aai het beestje over zijn kop, zijn nek, zijn lange rug.
     ‘Is hij of zij een ruwharige of een langharige,’ vraag ik om maar wat te zeggen.
     ‘Ruwharig, maar op zijn kop is het inderdaad wat aan de lange kant. Verder is-ie helemaal in orde hoor. Wel heeft hij last van zijn oortjes. Hij luistert gewoon nooit. Oost-Indisch doof, zeg je dan. Maar och, dat typeert het soort.’
     De man praat een tikkie geaffecteerd, net leuk. Hij doet mij in de verte denken aan een jonge Frits Bolkestein, qua uiterlijk maar vooral door zijn dictie. Welbespraakt, erudiet, een en al beschaving. Rechter bij de Hoge Raad, medisch directeur, kasteelheer?
     ‘Kom Dirk, we moeten verder. En u een fijne voortzetting gewenst.’
     Ik kijk het duo na over het smalle klinkerpad langs het water. De een kuiert, de ander trippelt parmantig. Ze verlaten het paadje en dalen trapsgewijs af naar de houten steiger die behangen is met pleziervaartuigen. Ergens halverwege stappen de man en zijn eigenwijze teckel over van de steiger naar het plankier van de Belle Brise, een elegant zeiljacht. Het past ze uitstekend. Bolkestein en Dirk op een patjepeeërig motorjacht zou hebben misstaan.

Frits Bolkestein in 1988                             Foto: Wikipedia