zondag 18 april 2021

Laatste Prik

Afgelopen week werd ik gevaccineerd tegen het virus. Het ging snel: korte intake, vlugge administratieve handeling, prikje en ten slotte vijftien minuten wachten om te checken hoe het lijf reageert. Wat loopt alles hier toch soepel en gesmeerd, dacht ik tijdens dat kwartiertje terwijl ik mijn omgeving scande. Aangezien deze hele vaccinatieprocedure op leeftijd gaat, zag ik louter grijze dan wel kale hoofden. Groter was het verschil in gesteldheid. Waar ik de ene leeftijdsgenoot nog geschikt achtte voor een halve marathon, leken anderen klaar voor de Hoogovens.
De laatsten brachten me bij de vraag waarom dit soort priklocaties er nog niet zijn voor mensen die klaar zijn met hun leven. Ook dán kun je heel overzichtelijk en leeftijdsgewijs een lijst afwerken - uiteraard op basis van vrijwilligheid. Natuurlijk zal zo’n 'Laatste Prik'-locatie iets sfeervoller dienen te zijn: meer privacy, uitgebreidere intake, comfy divan in plaats van stapelstoel, gezellig bosje bloemen hier en daar, een fijn en zelf gekozen muziekje om bij in te slapen, prettige ambiance voor dierbaren, uitgelezen personeel en vooral minder haast, wat makkelijk kan want de toeloop zal echt niet reuze zijn. Net als vaccinaties tegen virussen bevordert die Laatste Prik het welzijn van de (oude of lijdende) mens en ontlast het de zorg.
Misbruik of wildgroei moet vanzelfsprekend te allen tijde worden voorkomen, maar wat of wie houdt ons verder eigenlijk nog tegen? Het idee dat de mens een uniek wezen is? Angst voor een glijdende schaal? De regering in Den Haag? De paus in Rome? De dominee op Urk? De influencer uit Mekka? Befaamde ethici als Peter R. de Vries, Ali B of Johan Derksen? Iemand anders? Nou, ík niet in ieder geval.

Persoonlijk voorstel voor een mooie, tevens treffende song om bij in te slapen, zie HIER.


zondag 11 april 2021

Bellissimo

Zopas heb ik nieuwe, door de RDW-goedgekeurde kentekenplaten op mijn autootje laten plaatsen. De oude werden (mij te) lelijk door steenslag en weersinvloeden. Ben ik een pietlut? Ja, zeker met auto’s. Ik erger me sowieso aan die geel fluorescerende Nederlandse kentekenplaten. Nu zijn tegenwoordig de meeste auto’s voorzien van grafkleuren, dus dat geel aan de voor- en achterkant vrolijkt de boel nog een beetje op, kun je zeggen. Maar mijn autootje hééft al een uitgesproken kleur en dan zijn die knalgele platen juist weer te veel van het goede. 
Analoog aan auto’s zijn kostuums voor heren. Ook die zie je vooral in treurtinten. Een opvallend gekleurde stropdas haalt zo’n mannenpak een beetje uit de misère. Maar als je een geel, rood of groen kostuum draagt, dan is een sobere stropdas juist weer de bétere keuze.
Italianen hebben natuurlijk veel meer gevoel voor bellissimo dan wij. Dat geldt - naast schone kunsten, mode en interieurs - zeker ook voor hun automobielen. Carrosserie-ontwerpers in dat land doen er dan ook alles aan hun creaties zo mooi mogelijk te presenteren, zonder storende elementen. Om die reden voorzagen ze in het land van de laars hun voertuigen aan de voorzijde van een klein, donker kentekenplaatje: esthetiek boven alles. Wij 'van boven de Alpen' hebben daar minder oog voor. Dus bedachten we voor ons wagenpark doodleuk nummerborden die menig autofront volledig om zeep helpen. 
Het was eigenlijk best begrijpelijk dat de voorouders van de Italianen - de Romeinen - ons noorderlingen destijds als barbaren bestempelden. Gezien onze kentekenplaten zijn we dat nog steeds.


zondag 4 april 2021

Karmozijnrood

Bij groene zeep denk je al gauw aan oer-Hollandse reinheid, wapperende waslijnen, vliedende wolkenluchten, blonde vlechten en dito duinen. Belangrijker is dat deze zeep doet wat het moet doen én dat het vriendelijk is voor het milieu, wat je van de meeste reinigingsmiddelen niet kunt zeggen. Dús, heb je het beste voor met de wereld én wil je dat de samenleving (heel woke) laten weten, gebruik dan groene zeep. 
Voor mij reden genoeg om op een zonnige dag fier met bezem, emmertje én welriekend sopje mijn stoep te schrobben. Succes diende zich al snel aan. 
‘Kijk aan, hier wordt gewerkt. En wat ruikt 't bijzonder,’ kweelde een hoge sopranenstem achter mij. Daar stond een mooi geconserveerde generatiegenote, voorzien van grijs, meisjesachtig haar en karmozijnrood gestifte lippen. Tja, het was lente.
‘Mmmmmm, het geurt echt naar vroeger,’ ging ze na een flinke inhalatie verder.
‘Klopt, groene zeep, heel ouderwets,’ zei ik met mijn harde bezem stoer in de hand, hopend zowel een verpletterend masculine als een eco-vriendelijke indruk te maken, wat kennelijk aardig lukte.
‘O wat goéd,’ jodelde ze als een broedse Olga Lowina. ‘Jaha, u heeft gelijk, uit grootmoederstijd, maar dat spul werkt vaak beter dan die moderne middelen. U bent zó goed bezig. Echt.’
Terwijl zij druk doende was haar veren in mijn reet te stoppen, zag ik haar karmozijnrode mondhoeken verleidelijk omhoog krullen. Zelfs meende ik een knipoogje te zien, maar dat was wellicht fantasie, iets waar ik veelvuldig onder gebukt ga. Na dit korte maar prettige intermezzo wensten we elkaar een fijne dag en stapte ze verder. Ik bleef haar echter nakijken waardoor ik zag hoe ze aan het eind van mijn huizenblok nog even schalks omkeek. Tja, het was lente. En de groene zeep deed de rest.


Iets van de (ooit) fameuze Olga Lowina horen? Klik HIER

zondag 28 maart 2021

Pekingeend

Op het display van mijn vaatwasser lichtte code C4 op, wat inhield dat er een probleem was met de watertoevoer. Ik vreesde een kapotte pomp, altijd een dure grap. Maar heel misschien was de waterdruk wel te laag. Ik belde daarom eerst maar met de waterleverancier in mijn regio. Die beloofde mij ‘een mannetje’ te sturen. Een paar dagen later bleek het inderdaad een mannetje: klein van stuk, koddig ogend, maar vooral ontzettend praatgraag.
‘Ohh, ik zie het al, die hoofdkraan is van het oude type, helemaal geërodeerd, werkt niet meer goed, niet moeilijk over doen, direct vernieuwen, geen probleem, fiks ik zo, komt helemaal goed, daarna koffie,’ klonk het uit mijn meterkast.
Ik was blij met zijn voortvarendheid, maar zag meteen op tegen dat ‘koffie’. Terecht, want een half uurtje later – de klus was geklaard – zat ik wat ongemakkelijk tegenover het mannetje aan mijn keukentafel. Tussen ons in: leut en koek. En híj maar lullen. Toch kon ik zijn gekwek ineens redelijk goed hebben nadat, tijdens een snelle check, bleek dat mijn vaatwasser weer als vanouds functioneerde. Het probleem lag dus inderdaad bij de waterdruk en niét aan mijn keukenapparatuur.
‘Valt dat effe mee, meneer. Een reparatie aan dat ding [het mannetje wees naar de vaatwasser] is duur en een nieuwe hoofdkraan kost u niets, want is voor onze rekening. Lekker toch! Voor dat geld kunt u heel wat keren bij de Chinees eten. Ja, een mens moet zijn meevallers vieren. Toch?’
Dat vond ik een aparte vergelijking: de kosten van een vaatwasser-reparatie tegenover een x-aantal Chinese (afhaal)maaltijden. Maar wellicht was dit mannetje een groot liefhebber. En met zijn ‘meevallers moet je vieren’ had hij beslist doel getroffen. Hoewel mijn cuisine tegenwoordig vrijwel vleesloos is, zorgde die opmerking er toch maar even voor dat rond etenstijd een vette pekingeend op mijn bord landde. Die ik naar hartenlust liet zwemmen in het bier.

zondag 21 maart 2021

Ratjetoe

Onlangs, tijdens een maartse storm, begaf mijn tuinschutting het. Niet onverwachts overigens, want die palissade was oud en deels vermolmd. Buurman en ik – de tuinafscheiding behoort ons beiden – gingen dan ook in goed overleg en met vereende krachten direct aan de slag. En ziedaar: een nieuwe, strakke, mooie omheining siert nu weer ons beider landgoederen. Maar schoonheid is relatief. Het onderwerp met een neutraal oog en van een enige afstand beziend, kun je evenzogoed stellen dat zo’n houten schutting foeilelijk is, met name door haar alom dominante aanwezigheid. Alle tuinsteden, vinex- of andersoortige woonwijken in het land worden geteisterd door deze afscheidingsterreur, in vele soorten, maten, (verweerde) tinten en vaak ook in stadia van scheefgezakt verval en houtrot - met name in de sociale woningbouw. Vooral dit ratjetoe zorgt onbedoeld voor immense treurigheid in het tuinlandschap van modaal Nederland. De brandstof voor die liefde voor houten schuttingen is een mix van overbevolking, de daaruit voortkomende territoriumdrift én het verlangen naar een beetje privacy. Alles bij elkaar genomen is het dan ook niet zo vreemd dat veel opgehokte Nederlanders dromen van een meer ruimtelijke omgeving, zoals het spreekwoordelijke hutje op de hei. Goddank blijft het vrijwel altijd bij dromen, anders werd ook de heide verstierd door een janboel aan tuinhout. En dát zou fokking klote zijn, in schuttingtaal.

zondag 14 maart 2021

Tekentafel

In Almere moet ik anderhalf uur wachten tijdens een onderhoudsbeurt aan mijn auto. Aangezien de wachtruimte bij de dealer mij niet vrolijk stemt, besluit ik de directe omgeving te verkennen. Al gauw kuier ik door strakke doorsnee-woonwijken. Nou ja, doorsnee, eigenlijk is er weinig doorsnee aan deze inmiddels zeer forse stad. Almere ademt ruimte, haar architectuur oogt hier en daar uitdagend, haar vele groen doet parkachtig aan, haar ruime wateren kabbelen sereen, haar burgers lijken tevreden - 215.164 op moment van schrijven. Overzichtelijkheid is misschien wel haar meest opvallende troef. Logisch, Almere is een echte tekentafelstad, gelegen in tekentafelprovincie Flevoland. En alles wat ooit via een tekentafel tot stand kwam ziet er nu eenmaal overzichtelijk uit, zeker in den beginne. Ik spreek uit ervaring want bracht – voor de komst van de computer – het overgrote deel van mijn loopbaan achter een tekentafel door, staand dan wel zittend. Zo ervaarde ik hoe een professionele tekentafel voor ordening en helderheid kan zorgen. Gebruiksvoorwerpen, technische installaties, infrastructuur, architectuur, complete dorpen en steden, op tekenpapier oogt alles heerlijk overzichtelijk. Hoe deed men dat toch toen er nog geen moderne tekentafels bestonden, vraag ik me ineens af, hier in het Almeerse, terwijl ik vanaf een wellicht door een technisch tekenaar geconstrueerd wandelbruggetje, over een wellicht door een planologisch tekenaar gevisualiseerd waterpartijtje staar. Direct daarna ontsnapt uit mijn hersenpan de Droste-achtige vraag: wie tekende eigenlijk de eerste volwaardige tekentafel? Deze anonymus verdient hoe dan ook een standbeeld. En waar kan dat beter dan in een tekentafelstad als Almere.

Tot de komst van de computer was de tekentafel essentieel voor
technisch tekenaars, constructeurs en ontwerpers. Iets minder essentieel
was de snor, ofschoon ook die het tijdsbeeld aardig tekent.


zondag 7 maart 2021

Kieswijzer

De Tweede Kamerverkiezingen komen eraan; waar kan ik nu eens met goed fatsoen op stemmen? Vooruit nu, geen zwakte tonen, de rug recht, de billen bloot, verstand op scherp, het potlood rood. 
Ons veruit grootste probleem is de menselijke overbevolking - alle overige ellende komt hieruit voort. Dat zorgt er meteen voor dat de confessionele partijen afvallen, want die zijn, met hun het-leven-is-heilig-opvatting, mordicus tegen euthanasie en abortus maar juist vóór grote gezinnen. Dat wordt 'm dus niet. Partijen die alles en iedereen betichten van racisme, zoals Bij1 en Denk, vallen ook snel af. Racisme keur ik af maar is vrijwel nergens zo mild als hier. Op Schiphol staat men vooralsnog niet rijendik voor de vertrekbalies om dit kikkerland voorgoed in te ruilen voor een betere samenleving, wat logisch is, want die vind je niet en dat wéét men. Van populistisch gebral, getweet en ge-oneliner moet ik ook weinig hebben, dus kunnen er ferme strepen door PVV en Forum. Ongebreideld consumentisme en winstbejag waarbij men en passant moeder Aarde vernachelt, sorry hoor, liberalen, maar die straat loopt uiteindelijk toch heus dood, daarom zeg ik tabee tegen de VVD. Het socialistisch gedachtegoed vind ik in de basis heel mooi, maar helaas draait dat vaak uit op pamperen van minderbedeelden die zich desondanks tekort gedaan voelen en boos blijven wijzen naar Den Haag. Nee dus tegen PvdA en SP. Ja, ik ben oud, maar ouderen zijn anno nu misschien wel de laatsten die moeten mekkeren in dit welvarende land, daarom geen 50Plus voor mij. Kom ik uit bij mijn lievelingskleur. In die hoek is men echter vaak zo oorverdovend correct dan wel woke, dat het mij inmiddels een allergische reactie bezorgt. Rode streep daarom door GroenLinks. Maar dán wordt het lastig, want zwoel zwevend tussen D’66, de Dieren en Volt dien ik nu toch echt een knoop door te hakken. Kies ik voor het jeugdig frisse, op Europa gerichte elan van nieuwkomer Volt, het opkomen voor álle levende wezens bij de PvdD of de ietwat elitaire doch weids-humanistische blik van D'66? 
Het potlood rood, schreef ik in de eerste alinea, dus vooruit, daar gaat-ie, tromgeroffel, tatá: de PvdD, nipt! Maar dat vermoedde u, vaste lezer van dit blog, misschien al. Wel hoop ik dat ze bij deze club hun nogal eenzijdige partijnaam veranderen in iets dat beter bekt en breder aanvaardbaar is, anders zie ik (ook) bij de Dieren beren op de weg. 

Foto: Carla Broeders