zondag 3 april 2022

Te voet

Misschien is het gewoon luiheid, maar wandelbenen bezit ik niet. Hoe mooi de omgeving ook mag zijn, hoe heerlijk het weer of hoe prettig het gezelschap, altijd verlang ik naar het einde van de wandeling waar een zalig nietsdoen wacht, graag met koffie & appeltaart dan wel bier & bitterballen. Ik kan er niet goed de vinger opleggen waarom dat zo is. Wellicht is te voet gaan mij gewoon te langdradig, wil ik te snel weten wat er na de volgende bocht komt, een nieuwe einder. Ongeduld dus, of stomweg onrust in de kop.
     In militaire dienst had ik er al last van tijdens lange marsen. Terwijl vele strijdmakkers leden aan bloedblaren, ontstoken achillespezen en spierblokkades, ging ik mentaal ten onder aan de monotone massabeweging en uitzichtloosheid. Eens, tijdens zo’n lange expeditie door de Noord-Duitse laagvlakte, werden de uitvallers aan het eind van de dag her en der langs de weg met jeeps opgehaald. Eén van hen was ik. Bij de andere uitvallers zag ik schrijnende voetwonden en totale uitputting. Ik mankeerde daarentegen fysiek niets, wel was ik breindood, na ja, soort van.
     Wanneer mijn begeleidster en ik te voet door de natuur gaan, fladdert zij in het rond en fotografeert ze elk sijsje, madeliefje en elfenbankje. Zwijgend op de achtergrond vraag ik me echter steevast af hoe ver we nog moeten. Tevens denk ik: iedereen kan m'n rug op met dat romantische geteem over Wanderlust, over de gezonde buitenlucht, de goede lichaamsbeweging en de mooie natuur. Rot op, ik wil koffie met appeltaart, en wel nu! Om de stemming erin te houden huichel ik zo nu en dan een glimlach. Helaas wordt ook dat vastgelegd. 



zondag 27 maart 2022

Walhalla

De vorige keer omschreef ik de situatie in het stembureau. Later, nadat de stemmen waren geteld, bleek de opkomst op de bewuste verkiezingsdag historisch laag: landelijk amper vijftig procent, in mijn stad zelfs nauwelijks meer dan veertig procent. Lekker dan! Desinteresse en vooral die archetypische Hollandse negativiteit over van alles en nog wat, bleek de hoofdreden. Tijdens een straatinterview op teevee zag ik een vrouwmens deze anti-mentaliteit in plat Randstedelijk accent treffend samenvatten: ‘Ach, het maakt niets uit op wie je stemt, ze maken er toch allemaal een zooitje van.’
    Wellicht had ze gelijk. Daarom heb ik me voorgenomen zelf de politiek in te gaan en een partij te beginnen die het vertrouwen terug zal winnen. Mijn tools in kort bestek: binnen één jaar een mooi nieuw, betaalbaar huis voor iedereen - zónder energiekosten, want die zijn voor rekening van de staat; gratis medische zorg; benzineprijs gegarandeerd lager dan één euro; btw wordt overal afgeschaft; gratis en onbeperkt onderwijs waarbij studenten ook nog een dikke beurs ontvangen opdat iedereen een master scoort; gratis lidmaatschap bij Basic-Fit, entreekaartjes voor Walibi en jaarlijks een all inclusive naar Antalya; alle uitkeringen, pensioenen en salarissen gaan minimaal naar het huidige modaal niveau waardoor de beladen term minima terstond door de shredder kan. Ziedaar: een welvarende, bijna walhalliaanse samenleving.
     Maar er moet natuurlijk wel iets tegenover staan. Zo eis ik een verbod op misdaad. Nee niet zeuren, dat mag echt niet meer. Ook slecht weer, natuurrampen en andersoortige pechgevallen zullen niet (meer) worden getolereerd. Daarnaast zal ik de hoogste straf laten opleggen aan het larmoyante volk dat - ondanks mijn verlichte ideeën - nog steeds durft te zeiken. Sterker: ik laat een elite-eenheid formeren die alsnog klagende burgers standrechtelijk executeert. Vermoedelijk krijgt die het razend druk.

donderdag 17 maart 2022

Stemvee

Een stem uitbrengen doe ik sinds jaar en dag in de streng gereformeerde kerk niet ver van mijn woonerf. Binnenin oogt het behalve streng, ook kil en ongezellig. Maar het moet gezegd: op het democratische feestje dat verkiezingsdag heet, is iedereen er bijzonder aardig en voorkomend. Dat geldt zowel de vrijwilligers die het stembureau runnen, als het stemvee.
     Wanneer ik binnentreed, zo eind van de ochtend, verkeer ik doorgaans tussen andere bejaarden. Vaak zijn dat m/v-stellen die er een serieus uitje van maken. Wat me daarbij opvalt, is dat de seniore dames serieus te werk gaan: stemkaart afgeven, registreren middels ID-kaart, paspoort of rijbewijs, stembiljet in ontvangst nemen, in het hokje hun keuze aangeven, biljet in de bus laten glijden en daarna opzouten. Daarentegen voelen veel van hun mannelijke partners zich geroepen interessant en getapt te doen. 
     Zo sloot ik bij bovengenoemd stembureau aan achter een oude knar met een honkbalpetje wiens vrouw hem vlotjes was voorgegaan en reeds via de uitgang verdwenen. De man deed er veel langer over. Hij grapte tegen de jongedame achter de aanmelddesk. Daarna maakte hij een stoute opmerking over het hem uitgereikte rode potlood. Vervolgens klierde hij hardop in het stemhokje. Tot slot deed hij jolig tegen de vrijwilliger die zich pal naast de stembus had geposteerd. Geheel opgaand in zijn act, stond het honkbalpetje druk te gebaren met in zijn ene hand het stembiljet en in de andere zijn legitimatiebewijs. De medewerker naast de stembus, die waarschijnlijk al de hele ochtend ‘grappige’ knarren had moeten aanhoren, waarschuwde hem: ‘Pas maar op dat u niet per ongeluk uw paspoort in de bus gooit, want dat maak ik hier wel vaker mee.’ Het honkbalpetje antwoordde in vragende vorm: ‘Zie ik er zo dom uit dan?’ 
     Niemand in het stemlokaal reageerde op deze retorische vraag waardoor een korte, pijnlijke stilte volgde. Daarna klonk ergens achter hem een droog gekuch. En zo hoort het in een strenge kerk.

zondag 13 maart 2022

Rationaliteit

Dat onze soort slechts een ietsiepietsie rationeler denkt en doet dan bonobo's, weten we natuurlijk allang. Het allerbeste bewijs van onze irrationaliteit vinden we als vanzelf bij religies. Die zijn immers gebaseerd op een ver verleden waarin charismatische lieden rondliepen wier persoonlijk gekleurde ideeën, uitingen en hallucinaties ooit op schrift zijn gesteld. Ontelbaar veel sprookjesboeken leverde het op; geschriften die in de loop der eeuwen de leidraad zouden vormen voor miljarden volgelingen, ondanks het feit dat nog nooit enig bewijs werd gevonden dat het bovennatuurlijke ook maar één molecuul of zandkorreltje van zijn plaats deed verschuiven. 
     Maar naast de welbekende religieuze wegbereiders, geloven we ook nu nog in vage medicijnmannen en -vrouwen die je zouden kunnen genezen van beriberi of kanker. En in sjamanen en coaches, die je, bijvoorbeeld, wijsmaken dat je heel erg in jezelf moet geloven. Ik ben sjamaan noch coach, toch geloof ik direct dat zulks heel fijn in de oren klinkt. In de praktijk betekent het echter vooral dat je sterk in je eigen sneue geklungel dient te geloven waardoor je er geen sodemieter mee opschiet. 
     Lang verhaal kort: wij laten ons graag foppen, al is het maar voor dat rustgevende, beschermende gevoel dat een vermeende autoriteit kan bieden.
     Ook op een meer werelds niveau laten we ons graag bedotten. (Het werkwoord 'naaien' mag hier ook.) Ik hoef alleen maar de namen te noemen van sommige 'grote' leiders die hun volk aperte onwaarheden voorspiegel(d)en. En de kudde trapt(e) daar steeds weer in, met alle misselijkmakende gevolgen van dien - voor de actualiteit verwijs ik graag naar het nieuws van gisteren of vandaag. Sterk afhankelijk van de kwaliteit van de diverse media, treft men tussen de vaak goede nieuwsgaring ook veel al dan niet van bovenaf gedicteerde desinformatie aan, soms zelfs keihard nepnieuws of gemanipuleerde beelden waardoor zomaar waanzinnige theorieën kunnen ontstaan. En dan laat ik de sociale media nog maar even achterwege. In deze mêlee van al dan niet foute data stinken we vrij massaal, ongeacht gezindheid, politieke stroming, sociale klasse en opleiding. Dat geldt natuurlijk met name voor hen bij wie, zacht gezegd, rationeel en onafhankelijk denken nou niet bepaald de allergrootste competentie is.
     Daarom is het op z'n tijd best aardig te checken hoe het met je eigen weldoordachtheid staat. Zin in? Stort je dan op het testje hieronder dat ik jatte uit het boek Rationaliteit van de Canadees-Amerikaanse auteur Steven Pinker, hoogleraar psychologie aan de Harvard-universiteit, tevens taalkundige. Het betreft drie simpele vragen die, in al hun eenvoud, een beroep doen op de ratio waardoor velen ze vrij snel en uit het hoofd kunnen beantwoorden, althans in theorie.

1. Een smartphone en een hoesje kosten samen 110 euro. De telefoon is 100 euro duurder dan het hoesje. Wat kost het hoesje?
2. Acht printers doen er acht minuten over om acht folders te printen. Hoelang zouden 24 printers over 24 folders doen?
3. Een veld staat vol onkruid. De lap onkruid wordt elke dag twee keer zo groot. Na dertig dagen staat het hele veld vol onkruid. Hoelang duurde het voordat het halve veld vol onkruid stond?

Voel je je uitgedaagd, lees dan even niet verder want hieronder volgen de antwoorden. Succes!


 










--------------------------

De juiste antwoorden:
1. vijf euro.
     De meeste mensen denken in een flits aan 10 euro. Oorzaak: ze werden afgeleid door de mooie getallen 110 en 100, en het verschil tussen die twee.
2. Acht minuten.
     Velen denken hier te ingewikkeld. Ze worden bijvoorbeeld afgeleid door die 24, wat driemaal zo veel is als 8. Maar dat getal doet er niet toe zolang er evenveel printers als folders zijn en de printers gelijk draaien.
3. Negenentwintig dagen. 
    Een dag later, de dertigste dag dus, verdubbelde het onkruid zich zodanig dat het veld geheel vol stond. Al die andere dagen doen er niet toe.

Onderzoek onder duizenden Amerikaanse studenten - waaronder nerds van het prestigieuze MIT, oftewel Massachusetts Institute of Technology - toonde aan dat slechts zes procent van de studenten alle vragen goed had. Een derde had alles fout!
     Volgens onderzoekers, zo las ik in Pinkers boek, worden fouten veroorzaakt door de botsing tussen twee cognitieve systemen. Systeem 1 verleidt ons tot snel denken en vlug een oordeel klaar hebben. Systeem 2 wil juist dat je er goed over nadenkt. 
     Fouten hebben dus niet zozeer met domheid te maken (nou ja, kom op, in zekere zin wel natuurlijk), maar des te meer met zaken als ongeduld, vooringenomenheid, slordig leeswerk, zenuwen, piekerstoring, angst, blokkade, impulsiviteit, ruis en - dus - een gebrekkige ratio.
     Een hele geruststelling, vindt deze bonobo. 

Bron: Pinker S. (2021), Rationaliteit, Amsterdam, Atlas Contact.

zondag 6 maart 2022

Schijtreiger

Tijdens een buurtommetje valt mijn oog op iets oranjes dat in de berm naast het trottoir ligt. Ik hou mijn pas in. Het blijkt een goudvisje, dood. Hij ligt er nog maar pas, is in goede staat. Zijn schubben glanzen zacht. Schubjes eigenlijk, het visje meet amper acht centimeter. 
     Geen waterdruppel in de directe omgeving, dus waarom ligt hij hier? Of eigenlijk: waardoor? Is de plastic zak soms gescheurd van iemand die het visje had gekocht bij de dierenwinkel? Of heeft een volgevreten huiskat hem (jacht)instinctief uit een vissenkom gegraaid en is-ie er vervolgens mee aan de haal gegaan om 'm hier achteloos te dumpen? Ik acht het echter waarschijnlijker dat het diertje ergens uit een tuinvijver is gepikt door een reiger. Het barst in mijn wijk namelijk van de tuinvijvers én van de reigers. Maar ook dát is best vreemd, want waarom zou het visje dan niet zijn doorgeslikt, maar hier beland? Mogelijk dat de reiger is weggejaagd door een aanstormende vijverbezitter en had de grote vogel in zijn blinde paniek het goudvisje niet goed klemvast kunnen krijgen waardoor hij zijn prooi tijdens het opvliegen verloor. Hoe dan ook, het oranje kleinood ligt hier te vergaan, wat snel het geval is bij vis.
    Ik loop inmiddels door en denk na over het leven en welzijn van goudvissen, koikarpers en aanverwante artikelen. Want artikelen, dat zijn ze voor hun bezitter - de mens. Het is dan ook heel terecht dat katten en vooral reigers daar volkomen schijt aan hebben.


zondag 27 februari 2022

Nabakov

De Flevomeer Bibliotheek is mij de meest dierbare van het ganse land. Hoofdreden is dat ze in hun vestigingen enkele door mij geschreven boekjes in de collectie hebben. En aangezien het aangeboden leesvoer alfabetisch op auteursnaam in de stellingen staat, vind ik mezelf terug tussen literaire grootheden als V.S. Naipaul en Vladimir Nabakov. Ik doe hier dan ook graag kond van - bescheidenheid zou vals zijn.
     Bij de Brit genoot ik van zijn vele reisverhalen. Maar bij de Rus kwam ik niet verder dan zijn beroemdste, Lolita, dat mij totaal niet boeide. Ik voel sowieso enige aversie jegens de Grote Russen. Waarom weet ik niet. Misschien zit er al te veel Russisch in mij - vooral in de herfst en winter. Ik neig in die donkere periode niet alleen naar looiige gevoelens en 'heimweemoed', maar ook naar destructie. Als voorbeeld zou ik, zeker met een paar slokken op, graag het huis van de buren drastisch willen verbouwen, er amok maken, zomaar, hatsikidee. Lekker slaan en schelden, geen idee waarom en waarop. 
     Het is daarom maar goed dat ik niet over een wereldmacht heers. In dat geval zou ik mogelijk, in een zwartgallige bui, met een kutsmoes een irritant buurlandje binnentrekken en daarmee een vette oorlog ontketenen, mijn macht en spierballen tonend. Wat ik met zo'n inval vooral zou hopen te bereiken, is mijn naam wereldwijd en voor eeuwig in alle geschiedenisboeken, wiki's en bibliotheken. Onsterfelijkheid dus.
     Ach, wie diep graaft vindt dat motief vast bij iedereen die een oorlog begint. Er hoeft dus niet per se iets Russisch in je te zitten.

zondag 20 februari 2022

Rachmaninov

Een vleugel, ook wel concertpiano of grand piano genoemd, is misschien wel het allermooiste muziekinstrument. Naast instrument is het ook een daverend meubelstuk, eyecatcher in elke ruimte. Meestal zwart, soms wit, maar altijd diepglimmend en voorzien van eindeloos golvende rondingen op sterke, doch elegante balletbenen.
    Naast zijn mooie uiterlijk levert dit instrument ook bovenaardse klanken. Ik denk zelfs dat een vleugel het meest schitterende geluid produceert dat een menselijk gehoor kan waarnemen. En dat is als hij, bij voorkeur tijdens een verhuizing, van tienhoog op de straatstenen klettert. Een heerlijke dreun vol laag en hoog fladderende tonen, gevolgd door een majestueuze galm die straten verder hoorbaar is en daarna een wegstervend plink-plank-plonk zoals de allerlaatste druppels op een zinken dak na een tropische stortbui. Tenslotte is daar de ademstokkende naklank die zelfs Rachmaninov declasseert: een hallucinante ruis die - overgaand in drukkende stilte - geluidsdronken omstanders minutenlang vleugellam ins Blaue hinein doet staren. Hemels!
    Een neerstortende vleugel is niet alleen hemels, maar vooral uiterst zeldzaam. Je komt het nog wel eens tegen in oude slapstick. Bovendien tref je verreweg de meeste vleugels op benedenverdiepingen van villa's, herenhuizen of chique restaurants aan, dus van enig neerkletteren komt het zelden. Uitzonderingen vind je wellicht in luxueuze hoogbouw. 
    Wie, kortom, de overweldigende sensatie van een op het plaveisel pleurende concertpiano wenst te ondergaan, dient derhalve een stel onhandige verhuizers te volgen dat opdracht krijgt een vleugel uit een penthouse te takelen. Of een (lach)film uit de oude doos te scoren. In zwart-wit dus, net zoals het klavier zelve.